terug naar lijst van werken
vorige boek



(h x b: 18,9 x 11,2)
32

Alle dingen welke inwendig kunnen worden verstaan, of door de mond gesproken, of door de oogen gezien, of door de handen betast, zij zijn alle niets vergeleken bij die dingen welke niét verstaan, niét gesproken, niét gezien, niét betast kunnen worden. Al de heiligen en al de wijzen die ooit hebben geleefd, die nóg leven of die zullen leven, die gesproken en geschreven hebben of nog zullen spreken of schrijven over God, zij allen kunnen noch zullen ooit zoveel openbaren omtrent God als een gerstekorrel is in verhouding tot den hemel en de aarde, ja, zelfs onnoemlijk minder. Alles wat er over God is geschreven, is als het ware gestameld, evenals de moeder stamelt met haar kind, dat haar niet zou begrijpen indien ze anders zou spreken. (blz. 23)

Inleiding (Henri Bruning) 1
Gezegden van den nederigen wijze Egidius 13
























terug naar lijst van werken
volgende boek

aangemaakt: 19-07-2009 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 06-04-2010