lijst van werken
vorige bladzijde



haar oorspronkelijke en fonkelende expressie maakt haar bestand tegen den tijd: bestemt haar voor de eeuwigheid. Een superbe gedachte, vaal en beslagen geserveerd, ver­dwijnt even weerloos als alles wat niet schéppend (zonder tot vórm te geraken) leeft.

345

  De mensch is onherhaalbaar, d.i.: wij zijn steeds met onszelf alleen.

346

  Laten wij, wij eenzamen, ons geen illusies maken; laten wij niet gelooven, dat de toekomst ons zal geven wat het heden ons heeft onthouden: dat wij na onzen dood, als ons gebeente verpulverd is, hier op aarde het begrijpen zullen vinden, dat wij tijdens dit leven hebben ontbeerd; dat wij dan (en aldus) ,,schadeloos’’ worden gesteld voor ons leven op aarde. Onze laatste werkelijkheid is het zonder commentaar verdwijnen, vergaan. Zooals die prachtige boom hier op enkele schreden van mijn huis eenmaal zonder commentaar verdwijnen zal, ongezien, misschien bewonderd, maar toch nooit gezien. De eenige, die den mensch Nietzsche heeft gezien, is hijzelf geweest; iets dat we, in twintig maal kleiner verhouding, ook bij onszelf kunnen waarnemen, als wij het durven. Dit is geen pessimisme; het is de waarheid (omtrent onszelf) aanvaarden zonder er verder doekjes om te winden.


145
volgende bladzijde





















volgende bladzijde



aangemaakt: 10-06-2002 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 17-10-2009