lijst van werken
vorige bladzijde



Dan zal de ziel o ziel zalig en vrij uitbreken
naar t onuitspreekbaar schoon waaruit zij zich verloor,
en eeuwig als het verre lichaam verder leven:
gerustgesteld, zichzelf voorbij, en in Gods Zijn te loor:
zij mocht d ontvangenis en vrome trouw aanschouwen
van t goede lichaam in zijn aardse voortbestaan
en hoe t, eindlijk onafgewezen, nu mag toevertrouwen
zijn wisslend zijn en niet-zijn, Aarde, aan uw leven,
u lief nu als het dier, de plant, en met dees allen saam;
zij weet het lichaam over alle grenzen van zichzelve zweven
en onverdeeld als zij zich t godlijk Al-zijn geven

Dit wilde ik nog zeggen, dit, als laatste stille
woord op een vijandschap die k onverstaan verdroeg;
geen overmeesterde zo onvoorwaardelijk mijn willen,
o onvergetelijke, Aarde! mij nooit genoeg ...





























54





















volgende bladzijde
inhoudsopgave

aangemaakt: 09-09-2008 Copyright © 2010 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 06-03-2010