lijst van werken
vorige bladzijde




C i s t e r c i n s e r :

vorige bladzijde Gij zijt wel zeer verbitterd...

E l i a s :

Neen, bitter ben ik niet meer; met die werkelijkheid ben ik thans geheel verzoend.

C i s t e r c i n s e r :

Een wel zeer sombere verzoening...

E l i a s :

Hier ben ik Franciscus gaan verstaan. Het is dze werkelijkheid, deze eeuwige nederlaag van het goddelijke in ons en in de wereld om ons heen, welke wij aanvaarden en ook niet vrzen moeten: met niets loochenen, met niets verbergen. De bestemming van ons leven is niet dit goddelijk noodlot te verbreken; het is deze werkelijkheid juist, welke wij leven moeten, geduldig aanvaarden, en erkennen.

C i s t e r c i n s e r :

Doch door onze werken altijd beproevend deze nederlaag in een zegepraal te doen verkeeren.

E l i a s :

Onze werken kunnen slechts een nederlaag bewerken. De zegepraal is enkel een vrucht van Gods barmhartigheid. Gods barmhartigheid echter verdienen wij nooit. Er is niets in ons, dat op deze barmhartigheid recht heeft. Gaan wij dus stil aan onze werken voorbij. IJveren wij, doch gaan wij ook aan dit ijveren voorbij. God dienen, de menschen dienen, de zielen dienen, en erkennen, dat wij zelfs dit dienen niet waardig zijn. Onze bestemming is enkel de liefde; de liefde die dient, en niets vraagt.

C i s t e r c i n s e r :

Elias, gij verbaast mij... volgende bladzijde


132





















volgende bladzijde
inhoud




aangemaakt: 10-06-2002 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 18-10-2009