lijst van werken
vorige bladzijde




3 d e   K r ij g s m a n :

vorige bladzijde Nou, de hemelsche zaligheid in.

1 s t e   K r ij g s m a n :

En toen?

3 d e   K r ij g s m a n :

Toen? Dat is ook wat! Toen werd ik natuurlijk wakker — als der dienaren dienaar. Ook geen lolletje, als je net op ’t punt hebt gestaan de eeuwige heerlijkheid in te gaan! (de mannen lachen)

O u d e   v r o u w :

Foei, foei!

1 s t e   K r ij g s m a n :

Het is gek... Dat wij achter den keizer zouden staan en tegen den paus, is begrijpelijk en wat mij betreft, ik doe zooiets met een gerust geweten. Maar voor ’n gewezen vol­geling van een heilige...

2 d e   K r ij g s m a n :

Die heele affaire schijnt hem overigens vrij koud te laten.

3 d e   K r ij g s m a n :

(wuivend naar dienstmaagd achter een der ramen, zon­der stemverhelfing, zoodat alleen de kreigslieden hem kun­nen verstaan): Dag schat, leid me niet in bekoring, je slachtoffer is een getrouwd man met een zee van kin­deren! (als zij de mannen ziet lachen, trekt het meisje zich terug)

2 d e   K r ij g s m a n :

Tja, ’t is een rare snuiter. Wat hem bezielt is me ’n raad­sel! Eerzucht zeker niet!

3 d e   K r ij g s m a n :

Neen. Aan de keizerlijke eerbewijzen ging hij minstens even onaandoenlijk voorbij als aan die excommunicatie. volgende bladzijde


113





















volgende bladzijde
inhoud




aangemaakt: 10-06-2002 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 18-10-2009