van den wil: de waarden, die rondom hen geëerbiedigd worden, te ontwaarden. Veeleer dan een bevordering te zijn van het bestaande cultureele leven, kan men van hun critisch doorwroeten zeggen wat Oswald Spengler van het rationalisme zeide: dat het doodt. „Der Rationalismus ist im Grunde nichts, als Kritik, und der Kritiker ist das Gegenteil des Schöpfers: er zerlegt und fügt zusammen; Empfängnis und Geburt sind ihm fremd. Deshalb ist sein Werk künstlich und leblos und tötet, wenn es mit wirklichem Leben zusammentrifft.’’ 1)

De Jood stelt geen vragen en tegenvragen om klaarheid te brengen, maar om het buiten hem bestaande en buiten, hem ontstane, dat hem niets zegt en dat hij minacht, te vertroebelen, te kleineeren. Hij wroet en doorwroet, niet om een cultuur op bepaalde onwaarden te ontmaskeren en deze aldus te zuiveren, maar om haar, als geheel, ook met haar waarden, te laten neerstorten. Vragen en tegenvragen — het normale en voortdurend proces binnen iedere cultuur, tot hoe diepe crises ook aanleiding gevend — kunnen een dieper bevestiging, een verrijking der veroverde waarden worden, maar de Jood zoekt dit laatste niet, per se niet. Hij vertegenwoordigt geen crisis, maar anarchie: anarchie als „geestesmerk’’. Een crisis voltrekt zich van binnenuit, van uit een bepaalde cultuur zèlf en is een streven naar een hooger, completer, beter gefundeerde orde. De Jood echter vertegenwoordigt een drijven van buiten af, vreemd aan die cultuur, en streeft naar een vernietiging dier orde. Zijn anarchie in het rijk van den geest is niet het éinde van een cultureel ontwikkelingsstadium, maar het begin zijner werkzaamheid zoodra hij met een cultuur in aanraking komt. Zijn anarchie, zijn destructiewil in het rijk van den geest is de keerzijde en het fatum van zijn superioriteits­bewustzijn, ook van zijn gedwongen leven tusschen volken die hij veracht: van uitverkorenheid dus, èn van diaspora. Aan zijn critisch doorwroeten danken wij niet, zooals men zoo gaarne suggereert, een zeer waardevol, maar wel, zooals ook Nietzsche te verstaan gaf 2), een zeer gevaarvol deel onzer geestesgoederen. Zijn intellectueele


1) Jahre der Entscheidung.

2) Jenseits von Gut und Böse.


184

























aangemaakt: 01-03-2008 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 19-10-2009