strijd terdege ingezien en vlijmscherp ontleed. Troelstra echter heeft zijn tegenstanders (doch desondanks de alleroprechtste vrienden van het socialisme) afgeblaft op een wijze, die ons thans, gelijk gezegd, verbazingwekkend voorkomt, en in een terminologie, die, behalve ons herinnerend aan het inquisitorisch kanselmisbaar van een gekrenkt roomsch geestelijke, ons meer doet denken aan de ,,klassenoorlogsmoraal’’ waarvan hij ten opzichte van zijn vijanden (de kapitalisten) zoozeer tegenstander was, dan aan de ,,klassenstrijd­moraal’’, waarvan hij zich zoozeer als voorstander opwierp. ,,Drukt ze dood, die scheurmakers,’’ citeert Troelstra, en met instemming.

Troelstra’s tactiek was één exponent, één logica van het strijdbaar socialisme.

Een tweede exponent vertoonde de Russische revolutie: de verovering van de macht, de instelling daarna van een nieuwe, anti-kapitalistische orde. In laatste instantie ging de strijd van het socialisme er niet om, een rechtvaardiger levensniveau voor het proletariaat te veroveren, doch om het omverstorten van een, ondanks alle ,,rechtvaardigheid’’, ònrechtvaardig, verderfelijk en oppermachtig systeem. Troelstra verdaagde de oplossing van dit allesbeheerschend probleem naar een verre toekomst en hij ver­dedigde zijn houding en methode met een uiterst betwistbare logica. Rusland realiseerde het op de eenige wijze, waarop het, verbonden als het socialisme was met slechts één klasse die een kleine minder­heid vormde, en de andere klassen als vijanden beschouwend, gerealiseerd kon worden: het veroverde de macht op een moment, dat de vijandige maatschappij in ordeloosheid onderging, en door toen allen, die het als klassevijand zag, te elimineeren: uit te moorden. Macht geworden, schiep het een nieuwe orde, waarin de tegenpartij geen kans meer kreeg. In Rusland gelukte dit alles tijdens den vorigen wereldoorlog; voor de westersche landen moest op eenzelfde moment van innerlijke ineenstorting gewacht worden. Een vastberaden, voor niets terugdeinzende stoottroep zou dan alles vermogen — ook ten opzichte van de groote, doch reeds verburger­lijkte arbeidersbewegingen.


85

























aangemaakt: 01-03-2008 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 19-10-2009